Dit artikel werd geschreven door

 

Waar komt dit nieuws vandaan?

Zorgverleners en ziekenhuispersoneel worden momenteel gevaccineerd tegen covid-19. Ook het vaccin van AstraZeneca wordt gebruikt. De ongemakken na de prik kunnen vervelend zijn, zoals de bijsluiter van dit vaccin op basis van de klinische studies ook vermeldt (1).

In vergelijking met de studies met het vaccin, waaraan enkele duizenden mensen deelnamen, werden ondertussen miljoenen anderen wereldwijd gevaccineerd met het vaccin van AstraZeneca. Het vaccin werd ontwikkeld aan de Universiteit van Oxford en een zeer groot deel van de Britse bevolking werd er al mee ingeënt. In Groot-Brittannië ging de vaccinatiecampagne al begin december 2020 van start en werden de nevenwerkingen goed opgevolgd. Die gegevens geven al een goed beeld van wat ons te wachten staat.

Denemarken zette de vaccinatie met het AstraZeneca-vaccin op pauze, omdat een paar mensen na de vaccinatie bloedklonters kregen (2). Ook Oostenrijk rapporteerde een paar gevallen van bloedstollingsstoornissen. Enkele andere landen, waaronder Noorwegen, IJsland en Italië, zetten het gebruik van het AstraZeneca-vaccin ook op pauze. Nochtans benadrukt het Deens gezondheidsinstituut momenteel dat er geen oorzakelijk verband gelegd kan worden tussen het AstraZeneca-vaccin en de gevallen met bloedklonters. De betrokken landen laten weten dat het om een voorzorgsmaatregel gaat. Het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA) is voor alle zekerheid met een onderzoek gestart.

Hoe moet je dit nieuws interpreteren?

De nevenwerkingen van de eerste coronavaccins, zoals de mRNA-vaccins en het vaccin van AstraZeneca, kunnen hevig zijn, maar nooit gevaarlijk en steeds van voorbijgaande aard (2). De mRNA-vaccins veroorzaken wat vaker vermoeidheid, koorts en misselijkheid als mogelijke nevenwerking, terwijl het AstraZeneca-vaccin vaker aanleiding geeft tot een grieperig gevoel en rillerigheid. Wie last heeft van de prik, heeft dat doorgaans een tot twee dagen (uitzonderlijk langer). Daarna verdwijnen de klachten plots.

Dit zijn de mogelijke nevenwerkingen van het AstraZeneca-vaccin:

  • Frequente nevenwerkingen (bij meer dan 1 op de 10 personen):
  • Minder frequente nevenwerkingen (bij ongeveer 1 op de 10):
  • Eerder zeldzame nevenwerkingen (bij 1 op de 100):

Als je klachten hebt, kan je een pijnstiller (paracetamol) innemen. Er werden tot nu toe geen ernstige nevenwerkingen gemeld.

Er zijn minder nevenwerkingen na de tweede dosis in vergelijking met de eerste prik. Daarentegen is het minder duidelijk of de klachten ernstiger zijn voor personen die reeds covid-19 hebben doorgemaakt. Tijdens de klinische studies met het AstraZeneca-vaccin kregen 345 personen het vaccin terwijl ze reeds covid-19 hadden doorgemaakt. In die groep werden niet meer nevenwerkingen gemeld (2), maar een aantal personen lijkt dit anders te ervaren. We moeten wachten op meer gegevens om daar uitsluitsel over te geven. Zodra die informatie beschikbaar is, passen we dit artikel aan.

Voor het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA) is er geen reden om de vaccinatie met het AstraZeneca-vaccin op te schorten. Bloedklonters treden immers ook op zonder dat er gevaccineerd wordt. Bovendien zijn er geen aanwijzingen dat de bloedstollingsstoornissen door het vaccin werden veroorzaakt: op de bijna 5 miljoen gevaccineerden met het AstraZeneca-vaccin in de EU, zijn er 30 meldingen van bloedstollingsstoornissen. Dat is veel minder dan wat je zou verwachten op zo’n aantal mensen over eenzelfde tijdsperiode. Ook het Verenigd Koninkrijk komt tot eenzelfde geruststellende conclusie.

België volgt de aanbeveling van het EMA en zet de vaccinatiecampagne met het AstraZeneca-vaccin niet stop.

Conclusie

Het coronavaccin van AstraZeneca is zeer werkzaam en veilig, maar kan vervelende nevenwerkingen veroorzaken. Die nevenwerkingen zijn niet gevaarlijk en verdwijnen altijd vanzelf. Ze kunnen een tot twee dagen aanhouden, en in sommige gevallen leiden tot kortstondig werkverlet. Er zijn geen aanwijzingen dat de bloedklonters die optraden bij enkele personen kort na de inenting werden veroorzaakt door het vaccin. Daarom oordeelt het Europees Geneesmiddelenagentschap dat het niet nodig is om de vaccinatiecampagne te onderbreken, wat België ook niet zal doen.