Factchecks

Er zijn geen 6 op de 10 Belgen die zeker hun job verlaten bij afschaffing bedrijfswagen.

Zowat alle media hebben onlangs bericht over een onderzoek van Securex over salariswagens. De titel, “6 op de 10 Belgen verlaat job bij afschaffing bedrijfswagen” werd door bijna alle media overgenomen.

 

Securex is een HR-dienstverlener en doet ook aan wetenschappelijk onderzoek. Dat onderzoek kan best interessant zijn. Maar bedrijven zoals Securex doen zo’n onderzoek natuurlijk ook om hun naam vermeld te krijgen in de media. Een persbericht mét pakkende titel helpt daar vaak bij. Maar daar mag soms toch wat nuance bij.

 

Geen 1500 maar 155

 

In het persbericht zegt Securex dat het onderzoek werd uitgevoerd bij 1500 Belgische werknemers. Dat klopt. Maar van die 1503 werknemers hadden er maar 155 een bedrijfswagen. De vraag of iemand van job zou veranderen wanneer bedrijfswagens worden afgeschaft, kan ook alleen maar gesteld worden aan mensen die al een bedrijfswagen

hebben. Die “6 op de 10 Belgen” moet je dus lezen als “6 op de 10 Belgen met een bedrijfswagen.”

 

Verder in het persbericht, en in de artikels van verschillende media, wordt dat ook slim opgelost door het woordje “meer”. Zo luidt de titel van VRT NWS: “zes op de tien werknemers stappen op als ze geen bedrijfswagen meer krijgen.” In het bericht van Securex staat “59 % van de Belgische werknemers zegt van werk te veranderen indien werkgever geen wagens meer aanbiedt.”

 

De claim uit de titel is dus gebaseerd op een steekproef van niet meer dan 155 mensen. Dat maakt het onderzoek niet per definitie illegitiem. Maar het is natuurlijk een kleine staal. Securex zelf geeft aan dat de steekproef de Belgische arbeidsmarkt weerspiegelt voor geslacht, leeftijd, regio en statuut. Het klopt ook inderdaad dat 10 tot 15 procent van de werknemers over een bedrijfswagen beschikt.

 

“eerder akkoord” wordt “stapt op”

 

De 155 werknemers met een bedrijfswagen moesten antwoorden op de stelling “als mijn werkgever geen wagens meer aanbiedt, verander ik van werk”. 31 mensen antwoorden met “helemaal akkoord”, 32 mensen zeiden “akkoord” en 28 mensen gaven aan “eerder akkoord” te zijn.

 

Securex maakt hier gebruik van een binaire schaal. Alle positieve antwoorden, dus ook het aarzelende “eerder akkoord”, werden samengeteld om zo tot de claim te komen dat 6 op de 10 werknemers met een bedrijfswagen zou opstappen als ze geen wagen meer zouden krijgen (ongeveer 59 %).

 

In bevragingen worden sommige antwoorden wel vaker op die manier samen geteld, maar de vraag is in dit geval hoe ver je mag gaan met de stelling die de samengetelde resultaten vertegenwoordigen.  De antwoordmogelijkheid “eerder akkoord” was toch goed voor 18 procent van het totaal, of twee van die zes op de tien. Mag je dan “stapt op” zeggen voor zes van de tien ?

 

Verder in het persbericht wordt deze stelling dan ook wat genuanceerd door te zeggen dat zes op de tien “bereid” zou zijn om van werk te veranderen. Securex laat weten dat het op die manier recht wou doen aan het feit dat 28 van de 155 mensen alleen maar “eerder akkoord” had geantwoord. Maar die nuance viel in de meeste artikels die later door de media werden gepubliceerd helemaal weg. Vrijwel overal kan u “stapt op”, “neemt ontslag” of “verandert van werk” lezen, zoals in de titel van het persbericht van Securex.

 

De stelling is wat vaag.

 

De stelling “als mijn werkgever geen wagens meer aanbiedt, verander ik van werk”, is bovendien wat vaag. Die vraag laat bijvoorbeeld in het midden of er een compensatie voorzien is voor de verloren bedrijfswagen. Mensen konden de vraag interpreteren als een pure loonsvermindering. Als een werknemer de bedrijfswagen zou afschaffen zonder enige vorm van compensatie, en dus eenzijdig het loon zou verminderen, zou dat natuurlijk voor heel wat mensen een reden kunnen zijn om het bedrijf te verlaten.

 

Daarmee weten we dus niet of mensen antwoorden omdat ze hun (huidige) bedrijfswagen belangrijk vinden, dan wel omdat ze geen loonverlies willen accepteren. Voor het maatschappelijk debat is dit dus niet zo’n nuttige vraag. Toch concludeerden de meeste media uit deze vraag dat de Belg verknocht is aan zijn bedrijfswagen.

 

Het onderzoek toont wél aan dat salarisrijders niet zoveel zin hebben in alternatieven.

 

Behalve de vraag die zorgde voor de titel, waren er ook twee vragen die specifiek peilden naar de alternatieven zoals cash for cars of een mobiliteitsbudget. De eerste vraag ging na of mensen de alternatieven kenden en of ze in die alternatieven geïnteresseerd waren. De tweede vraag vroeg specifiek of mensen hun bedrijfswagen zouden willen inruilen voor een

kleinere wagen in combinatie met een abonnement op het openbaar vervoer. Op beide vragen antwoordden twee op de drie werknemers met een bedrijfswagen dat ze de alternatieven niet zagen zitten.

 

Dat alternatieven voor de bedrijfswagen nog niet zo evident zijn, is dus wel degelijk een terechte conclusie uit het onderzoek. Maar dat wil nog niet zeggen dat mensen meteen ontslag zullen nemen als er naar andere formules wordt gezocht.

 

Het framen van het onderzoek : de Belg is verknocht.

 

Elk onderzoeksresultaat moet nu eenmaal geïnterpreteerd worden. Daar is niets mis mee. Het onderzoek werd vrijwel overal geïnterpreteerd als “De meeste mensen met een bedrijfswagen zijn tegen.” en “De Belg is verknocht aan zijn auto”. Dat zijn klassiek frames die zeker niet verboden zijn. Maar je zou ook kunnen zeggen dat tot één derde van de mensen met een bedrijfswagen mogelijk geïnteresseerd is in alternatieve formules. Als we een derde van de bedrijfswagens uit de file zouden kunnen halen, kan dat toch een behoorlijk verschil maken.

 

Hoe flexibeler de werkomstandigheden, hoe soepeler er wordt gedacht over de bedrijfswagen.

 

Het onderzoek bracht ook best goeie punten aan. Zo lijken de respondenten aan te geven dat ze veel soepeler staan tegenover alternatieven voor de bedrijfswagen als ze zelf ook glijdende werkuren hebben en makkelijk kunnen thuiswerken. Dat is een interessant element voor het maatschappelijk debat.

 

Ook dit element had de titel van het persbericht kunnen zijn: “Hoe flexibeler de werkomstandigheid, hoe meer bereidheid om de bedrijfswagen te laten.” 

 

Maar Securex heeft een andere keuze gemaakt. Die is niet per definitie fout. Het is gewoon een andere keuze. De meeste media hebben de keuze van het persbericht van Securex gewoon overgenomen. Het is ook wel zo dat negatieve titels vaak meer kans maken om te worden opgepikt.

 

Conclusie

 

Uit het onderzoek blijkt dat mogelijke alternatieven voor een bedrijfswagen op dit moment één derde van de bedrijfswagens kunnen interesseren, terwijl twee derde zegt niet geïnteresseerd te zijn. Hoe flexibeler de werkomstandigheden, hoe meer openheid voor andere formules. Dat is goed om weten.

 

Maar de claim dat 6 op 10 opstapt als het bedrijf geen wagens meer aanbiedt, was wel heel affirmatief, terwijl de stelling vaag was en nogal wat respondenten eigenlijk maar “eerder akkoord” waren. De heel stellige titel van het persbericht van Securex was daardoor een beetje kort door de bocht.

 

Ine Philippe

master in de journalistiek

 

Bron: https://press.securex.be/6-op-10-belgen-verlaat-job-bij-afschaffing-bedrijfswagen#

Reacties