Helpen spruitjes tegen diabetes?

Je zult er ouderdomsdiabetes niet mee verhelpen, laat staan voorkomen, maar spruitjes helpen wel om je bloedsuikerspiegel onder controle te houden.

26 juni 2017

gezondheidenwetenschap gezondheid covid19

Waar komt dit nieuws vandaan?

In hun zoektocht naar een nieuw geneesmiddel voor diabeten heeft een groep van internationale onderzoekers de mogelijkheden van sulforafaan verkend. Sulforafaan is een bio-actieve stof die gevormd wordt uit glucorafanine. Deze stof vind je in grote hoeveelheden in spruitjes en broccoli.

Het onderzoek bestond uit een opeenvolging van testen. In een eerste reeks keken de onderzoekers naar het effect van sulforafaan op celculturen. Daaruit bleek dat de stof de productie van glucose in de lever vermindert. Een te hoge productie van glucose in de lever is bij diabeten een belangrijke oorzaak van een te hoog bloedsuikergehalte. Op lange termijn leidt dit tot belangrijke complicaties, zoals hart- en vaatziekten, nierfalen en aantasting van de zenuwen.

In een volgende reeks van testen bij muizen gingen de onderzoekers na of deze resultaten herhaald konden worden en of ze een effect hadden op de diabetesbehandeling. Hierbij gebruikten ze muizen met diabetes enerzijds en prediabetes anderzijds. Sommige muizen waren obees, anderen hadden een gezond gewicht. Door deze muizen in groepen in te delen en al dan niet sulforafaan te geven, konden de onderzoekers nagaan wanneer de beste resultaten bekomen werden. Vooral bij obese muizen met diabetes had sulforafaan een positief effect dat te vergelijken is met metformine, een medicijn dat vaak gegeven wordt aan diabeten.

De laatste test omvatte een klinische studie bij 96 diabetespatiënten om na te gaan of de positieve effecten ook bij hen optreden. Deze patiënten werden willekeurig ingedeeld in 2 groepen. Zoals het hoort, wisten noch de patiënten, noch de onderzoekers wie tot welke groep behoorde. De ene helft kreeg gedurende 12 weken sulforafaan onder de vorm van pillen op basis van broccolischeuten, de andere groep kreeg een placebo. Na 12 weken ging men het effect na. Ook hier bleek dat vooral bij diabetespatiënten met obesitas waarvan de bloedsuikerspiegel niet goed onder controle was, sulforafaan een bescheiden maar significant positief effect had (1).

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

De opeenvolging van testen op celculturen, dierproeven en uiteindelijk een klinische studie bij patiënten geeft meer gewicht aan de resultaten. Dat sulforafaan amper bijwerkingen had in de klinische studie, biedt perspectief. Voorlopig is het echter nog te vroeg om te spreken van een nieuw geneesmiddel. Daarvoor zijn meer klinische studies nodig om o.a. de optimale dosis te kunnen bepalen en de effecten op lange termijn na te gaan.

Massaal spruitjes en broccoli inslaan heeft ook geen zin. Om eventueel een positief effect te hebben, zou je elke dag een omvangrijke portie broccoli of spruiten moeten eten. Omdat het enzym dat zorgt voor de omzetting van glucorafanine in sulforafaan vernietigd wordt door verhitting, zou je de groente rauw of enkel licht geblancheerd moeten eten.

Het kan natuurlijk geen kwaad om regelmatig broccoli(scheuten) op je menu te zetten. Hetzelfde kan je doen met andere groenten die rijk zijn aan sulforafaan, zoals spruiten, kool, bloemkool en boerenkool (2). Een ruime portie groenten (300 gram/dag) als onderdeel van een gezonde voeding samen met voldoende lichaamsbeweging is sowieso een belangrijke pijler in de behandeling van diabetes.

Conclusie

Diabetes behandelen met spruiten of broccoli is voorlopig niet aan de orde. Op termijn kan dit eventueel leiden tot een nieuw geneesmiddel op basis van sulforafaan, maar daarop is het nog even wachten.

Geraadpleegde Bronnen

Nina Van Den Broecke

 
Lees ook...
mrt 2020

Er is geen remedie om je te "genezen” van diabetes type 2

dec 2023

Aantal jongeren met diabetes in België steeg al voor de coronacrisis

jun 2021

Rode Kruis aanvaardt wel degelijk bloed en plasma van gevaccineerden

jun 2021

Coronavaccins zijn wél efficiënt. (Laat je niet in de war brengen door begrippen als “number needed to vaccinate”)