Kans op overlijden door allergische reactie op contrastmiddel is uiterst klein

De kans op een ernstige allergische reactie op contrastmiddelen is bijzonder klein. De kans om eraan te overlijden is nog kleiner. Het risico is dan ook geen reden om een noodzakelijk contrastonderzoek te vermijden, besluiten artsen. Wie eerder een reactie op een contrastmiddel heeft gehad, laat dat best onderzoeken, zodat een volgend onderzoek zo veilig mogelijk kan verlopen.

27 oktober 2026

factcheck gezondheid

Een patiënt beweert dat contrastmiddelen een  ernstige allergische reactie kunnen veroorzaken waaraan je kunt overlijden.

De kans op een ernstige allergische reactie is zeer klein. Overlijden is nog zeldzamer.

Het risico is dus geen reden om een noodzakelijk contrastonderzoek te vermijden. Wie eerder een reactie op een contrastmiddel had, bespreekt dat best vooraf met de arts.

"Van contrastmiddel kun je een ernstige allergische reactie krijgen en overlijden." Met die bezorgdheid meldde een patiënt zich voor een CT-arthrografie van de schouder. Bij een arthrografie wordt contrastvloeistof in een gewricht geïnjecteerd. Daardoor leveren de MRI- of CT-beelden meer detail op en kunnen structuren in en rond de schouder beter worden beoordeeld.

De melding maakt deel uit van het project 'Misinformation Rapid Response Team’, een initiatief van Factcheck.Vlaanderen en Gezondheid en Wetenschap. Hiermee spelen ziekenhuizen snel misinformatie door die onder patiënten circuleert.

Contrastmiddelen worden vaak gebruikt bij medische beeldvorming, zoals CT-scans en röntgenonderzoeken. Meestal gaat het om contrastmiddelen die jodium bevatten. Afhankelijk van het onderzoek wordt het middel ingespoten in een ader, oraal ingenomen of rechtstreeks in een gewricht of lichaamsholte toegediend. Maar klopt het dat zo'n contrastmiddel een allergische reactie kan veroorzaken waaraan je kunt overlijden?

Ernstige reacties op contrastmiddelen zijn zeer zeldzaam

Volgens prof. dr. Rik Schrijvers, allergoloog aan KU Leuven, kunnen contrastmiddelen in uitzonderlijke gevallen ernstige allergische reacties veroorzaken. “Het klopt, maar dit komt heel weinig voor. Levensbedreigende reacties zijn nog zeldzamer”, zegt hij.

Overgevoeligheidsreacties op jodiumhoudende contrastmiddelen komen volgens dr. Schrijvers voor bij maximaal 0,73% van de toedieningen. Ernstige reacties zijn veel zeldzamer, ongeveer één op de 10.000 patiënten krijgt ermee te maken.

Ook dr. Alessandro Toscano, allergoloog aan UZ Antwerpen, benadrukt dat de meeste reacties mild zijn. Volgens hem treden allergische reacties op bij ongeveer 0,2 tot 0,7% van de toedieningen met jodiumhoudende contrastmiddelen. Bij andere contrastmiddelen, op basis van gadolinium, ligt dat percentage rond 0,4%. “Ernstige reacties zijn uitzonderlijk. De precieze cijfers verschillen wel per onderzoek”, besluit dr. Toscano.

Het risico op een ernstige reactie is dus erg klein. Volgens dr. Schrijvers zou het daarom “misleidend zijn om te suggereren dat contrastonderzoeken daarom beter vermeden worden. Of een contrastmiddel wordt gebruikt, hangt ook af van de verwachte meerwaarde voor de diagnose”, besluit hij.

Schaaldierenallergie verhoogt risico niet

Omdat schaaldieren van nature jodium bevatten, wordt soms gedacht dat mensen met een schaaldierenallergie ook allergisch kunnen reageren op jodiumhoudende contrastmiddelen. Maar dat klopt niet. Volgens dr. Schrijvers lopen zij geen extra risico op een allergische reactie.

“Een jodiumallergie bestaat ook eigenlijk niet”, legt dr. Toscano uit. “Bij een schaaldierenallergie reageren mensen op bepaalde eiwitten in schaaldieren, niet op het jodium dat erin zit.”

Een schaaldierenallergie is dus op zich geen reden om jodiumhoudende contrastmiddelen te vermijden.

Verschillende manieren van toedienen

Bij medische onderzoeken kan een contrastmiddel op verschillende manieren worden toegediend. Meestal gebeurt dat via een ader, maar het kan ook oraal ingenomen worden of rechtstreeks in een gewricht worden geïnjecteerd. Dat laatste is bijvoorbeeld het geval bij een CT-arthrografie van de schouder.

De manier van toedienen hangt af van het soort onderzoek en de beeldinformatie die de arts nodig heeft. Ze wordt dus niet gekozen op basis van het risico op een allergische reactie.

Toch kan de toedieningswijze een invloed hebben op het verloop van een eventuele reactie. Volgens dr. Schrijvers “kan een allergische reactie sneller en heviger verlopen wanneer het contrastmiddel via een ader wordt toegediend. Hoe ernstig een reactie is, hangt ook af van de patiënt en het soort reactie”. Maar het risico blijft dus heel klein.”

Dr. Toscano bevestigt dat “ernstige reacties bij een injectie in een gewricht zeldzamer zijn, omdat doorgaans minder contrastmiddel in de bloedbaan terechtkomt. Toch zijn dergelijke reacties niet volledig uitgesloten.”

Zijn er factoren die het risico op een ernstige reactie verhogen?

Volgens dr. Toscano lopen "vooral mensen die eerder allergisch reageerden op een contrastmiddel een groter risico. Dat geldt zeker als die eerdere reactie ernstig was". Ook mensen met astma of andere allergieën hebben een iets grotere kans op een reactie, al betekent dat volgens hem niet dat zij geen contrastmiddelen mogen krijgen.

Wie eerder een allergische reactie op een contrastmiddel heeft gehad, bespreekt dat best vooraf met een arts. Die kan zo nodig bijkomend onderzoek laten uitvoeren en bepalen welk contrastmiddel het meest geschikt is.

Sommige patiënten krijgen vooraf geneesmiddelen zoals antihistaminica of corticosteroïden om een reactie te voorkomen. Volgens de Europese richtlijnen uit 2025 en wetenschappelijk onderzoek is daar onvoldoende bewijs voor. "Bovendien kunnen de geneesmiddelen bijwerkingen veroorzaken en onderzoeken vertragen", zegt dr. Toscano. Daarom wordt premedicatie niet standaard aanbevolen. "In uitzonderlijke gevallen kan ze wel worden overwogen, maar ze vervangt geen individuele beoordeling van het risico of de keuze voor een geschikt alternatief contrastmiddel."

Conclusie

Er bestaat wel degelijk een kans op een allergische reactie op contrastmiddelen, maar die is zeer klein. Ernstige reacties zijn heel zeldzaam en overlijden door contrastmiddelen is nog zeldzamer. Het risico is dan ook geen reden om een medisch noodzakelijk contrastonderzoek te vermijden. Wie eerder een reactie op een contrastmiddel heeft gehad, bespreekt dat best vooraf met de arts. Zo kunnen indien nodig voorzorgsmaatregelen worden genomen.

 

Deze factcheck kwam tot stand dankzij het Misinformation Rapid Response Team, een samenwerking tussen Factcheck.Vlaanderen, Gezondheid en Wetenschap en verschillende ziekenhuizen.

✻

Farida Baioumy

Justine Viane

Justine studeerde eerst sociaal werk aan de Artevelde hogeschool en heeft daarna een masteropleiding journalistiek aan de Universiteit Gent gevolgd. Sinds 2022 vervolledigt zij de redactie als factchecker bij Factcheck.Vlaanderen.

 
Lees ook...
aug 2022

Gat in cv door kanker zorgt voor minder kans op een job, maar verschil is geen ‘tienvoud’

feb 2022

Nee, de Britse politie is geen strafrechtelijk onderzoek gestart naar COVID-19 vaccinaties na aangifte

apr 2022

Er bestaat geen Pfizeronderzoek dat hoge kans op hartaanval door vaccinatie aantoont

okt 2021

84 procent van coronasterfgevallen in Hamburgse studie wel degelijk te wijten aan COVID-19