Wordt het risico op borstkanker door hormoontherapie in de menopauze onderschat?

De kans op borstkanker door het gebruik van de hormoonbehandeling in de overgang is drie keer zo hoog als aanvankelijk gedacht, afhankelijk van hoe lang de hormonen al gebruikt worden. Dat concluderen wetenschappers van het Brits instituut van kankeronderzoek uit een nieuwe studie.

24 augustus 2016

gezondheidenwetenschap gezondheid covid19

Waar komt dit nieuws vandaan?

Het verband tussen hormoonsubstitutie in de menopauze en borstkanker werd al aangetoond in een groot onderzoek in 2001: het zorgde voor een abrupte terugval in het gebruik van deze therapie. Er bestond wel discussie over hoe groot dit risico is. Britse wetenschappers hebben dit nu berekend. Aan de nieuwe studie namen 39.183 vrouwen deel: geen van hen had borstkanker in de voorgeschiedenis en ze hadden nog allemaal hun baarmoeder. De vrouwen vulden vragenlijsten in bij aanvang van de studie, na 2,5 jaar en na 6 jaar. Daarin werd gepolst naar overgang, gebruik van hormoontherapie, welk type, hoe lang, enzovoort. Verder werden in kaart gebracht: aantal kinderen, periodes van borstvoeding, familieleden met borstkanker, alcoholconsumptie en lichaamsgewicht. Na zes jaar hadden 775 vrouwen borstkanker ontwikkeld. Daarvan namen 52 vrouwen gecombineerde hormoonpillen en 23 enkel oestrogenen. Rekening houdend met de duur van inname berekenden de onderzoekers dat vrouwen die gemiddeld 5,4 jaar gecombineerde hormoonpillen namen dubbel zoveel risico hadden op borstkanker en vrouwen die meer dan 15 jaar gecombineerde pillen namen drie keer zoveel risico, in vergelijking met vrouwen die geen hormoonsubstitutie gebruikten. Vrouwen die enkel oestrogenen innamen, liepen geen verhoogd risico op borstkanker.

De studie bevestigt het toegenomen risico op borstkanker door hormoonsubstitutietherapie en stelt dat dit tot nog toe onderschat werd.

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Ondanks de grote studie met bijna 40.000 vrouwen ontwikkelde slechts 2% borstkanker. Daarvan namen er slechts 52 gecombineerde hormoonpillen in. De berekeningen over de impact van deze pillen zijn dan ook gebeurd op een klein aantal vrouwen, wat de kans op onnauwkeurigheden vergroot en de cijfers weer iets minder betrouwbaar maakt. Dat neemt niet weg dat hormoonpreparaten met oestrogenen en progestagenen (de gecombineerde) best zo kort mogelijk in een zo laag mogelijke dosering dienen gebruikt te worden en enkel als de overgangsklachten echt te hinderlijk worden. Ze hebben immers belangrijke risico’s: borstkanker en ook hart- en vaatziekten (trombose). Pillen met enkel oestrogenen vormen geen goed alternatief, omdat ze het risico op baarmoederkanker verhogen.

Conclusie

Nieuw onderzoek bevestigt het risico op borstkanker bij vrouwen die lange tijd gecombineerde hormoonpreparaten (hormoonsubstitutietherapie) innemen. Hoe groot dit risico precies is, kan ook dit onderzoek niet goed duiden. Zeker is dat je deze pillen of pleisters best alleen neemt bij erg hinderlijke overgangsklachten (vapeurs, nachtelijk zweten) en liefst geen jaren aan een stuk.

Geraadpleegde Bronnen

Cebam

 
Lees ook...
sep 2022

Tijdelijk hoger risico op borstkanker, maar de pil beschermt ook tegen andere kankers

nov 2021

Geen bewijs dat coronavaccins kanker veroorzaken of verergeren

29 feb

Nee, er werd geen extra hormoon toegevoegd aan de pil om bloedingen te veroorzaken

nov 2023

Geen bewijs voor toename van kanker door vaccins